V.V.H.

Wij kregen een uitnodiging van onze tweelingdochters voor een etentje.

De reden hiervan was dat wij hen beide enorm geholpen hadden met de aankoop van hun nieuwe woningen plus de verhuizingen e.d.

Omdat zij van de Hypotheekshop een diner bon hadden gescoord moest er worden gegeten in een bepaald chic restaurant die de bon accepteerde.

Wanneer ik voor de deur van het restaurant sta, zie ik een bordje met de letters V.V.H. op de post zitten en snap daar schouderophalend niets van.

Wij kwamen met zijn vijven (SPD mocht ook mee) aan een gezellige ronde tafel te zitten.

Na het eerste drankje kregen wij van het huis een klein voorafje bestaande uit rauwe tonijn met een sausje en een pluk voor mij onbekend gras.

Daarna kregen wij de kaart maar daar snapte wij niet veel van omdat er 3 voorgerechten werden vermeld.

Gloeiende, gloeiende, vermoedelijk zouden wij de tent daar tonnetje rond uitrollen zo was het vermoeden als dit de realiteit was.

Als de ober voor ons elk een vers warm broodje bracht verzekerde hij ons dat wij echt 3 voorgerechten konden krijgen.

Omdat wij een Hulkenhonger hadden slokten wij dat broodje binnen no-time op.

Wanneer de ober nog een drankje inschonk kwam hij erachter dat hij per abuis geen kruidenboter en tappenade erbij had gezet.

Hij zou daarbij nog wel zorgen voor extra brood, maar omdat wij 3 voorgerechten hadden besteld zagen wij onze geest al dwalen.

Het gesprek dat wij intussen voerde was over het sprookje van Heidi gegaan waar de tweeling op 7 jarige leeftijd altijd naar luisterde en het nu nog steeds foutloos konden opzeggen.

Het geweldige gesprek tussen opa en tante Dete werd aan tafel herhaald en ging als volgt.

“Ik mot dat kind niet” moppert opa.

“Ik ook niet”, roept tante Dete uit de hoogte en wanneer zij wegloopt roept zij, “tabé”!

Als de ober ons opnieuw brood brengt gaat het gesprek van de Hulken familie over de hoeveelheid te verwachten eten.

“Als we het allemaal maar op kunnen”, zegt SPD angstig. Hulkinnetje stelt haar gerust,  “anders  geef je het maar aan mij”.  “Ach”, zegt de Hulk, “als het ons teveel wordt zeggen wij toch gewoon na het voorgerecht, “tabé”!

Nou, de hele familie Hulk ontplofte van het lachen in het chique restaurant en dat hoort natuurlijk niet, zeker als ik de verontwaardigde blikken zie die in onze richting priemen.

Al vlug komt daarna de ober met de voorgerechten.

Echt, ik kon ze gloeiende, gloeiende, amper zien!

Ik kreeg een soepje uit een kommetje zo klein, dat ik na het opgeslurpt te hebben niet eens met mijn vinger erin kon komen om het uit te likken.

Ik kreeg ook een giga smerig pizza-tje tje tje (omdat het zo klein was) weer met een hapje speciaal gras erop.

De garnalencocktail was heerlijk totdat ik aan de wasabisaus die onderin lag mijn bek verbrandde.

Na het uitgebreide voorgerecht stierf ik van de honger!

Gelukkig hoefde wij maar een uur op het hoofdgerecht te wachten en ik wist gloeiende, gloeiende, vlakbij in de buurt een frietkot.

Het hoofdgerecht had ik zo op en ik stal de asperges van SPD van haar bord, want die vond ze op iets lijken. Tja, je bent een SuperPuberDochter of niet.

Het nagerecht was onbetwist overheerlijk.

Als er is afgerekend vraag ik aan de ober, die ons uitgeleide doet en mij intussen sterkte wenst met 4 dames om mij heen, wat het bordje V.V.H. nu eigenlijk betekend?

Hij fluistert in mijn oor, “Verboden Voor Hulken”, meneer.

Gloeiende, gloeiende!

Advertenties

Hulkenhuis

Sommige onder u weten natuurlijk al waar ik woon.

Nu was het een gewoon stulpje met natuurlijk wel wat speelruimte voor de kinderen.

Maar sinds Missis Kakelb(l)ont mij de titel `Sir Hulk` heeft aangemeten heb ik als de gloeiende, gloeiende weerga de tuin een beetje opgeknapt zoals een heer van stand betaamd.

Ik hoop dat het uw goedkeuring kan vinden?

Hulkinnetje in het prieel van de rozentuin.

Paul van Carclass

Ik had een advertentie van een fiets die ik over had in het plaatselijke krantje gezet.

Word al snel gebeld door een mevrouw die interesse had en wilde weten waar ik woonde.

“Waar zit u”, vraagt zij?

“Op de bank”, antwoord ik droog.

Gierende lach gevolgd door, “ ik in de tuin van de buren en ben aan de borrel dus kan ik zomaar niet langskomen”.

“ Snap ik, en nu”, leg ik de vraag altijd graag bij de tegenpartij?

“ Is het een goede fiets”, vroeg ze eerst verder uit?

“ Ja, maar het is een gebruikte en daar zit altijd wel een dingetje aan”, is mijn politieke antwoord.

“ Dat begrijp ik”, zegt ze een beetje teleurgesteld.

Waarop ik slim zeg, “ ik ben ook gebruikt en aan mij hangt ook een dingetje” !

Één seconde bleef het stil, daarna hoor ik toch een gebrul van het lachen en ik denk dat zij haar mobiel op ‘on speaker’ had staan want ik hoorde er meerdere gieren van de lach.

Als ze bijgekomen is vraagt ze nog na hikkend, “ik heb een borrel op, heb jij geen bus waarmee je de fiets kan langsbrengen”?

“Ik kom wel even langs zo meteen”, beloof ik haar.

En na de adresopgave vind ze mij al een geweldige vent! ( dat wist ik allang )

Daar aangekomen merk ik dat de fiets voor dochterLief is bestemd en die gaat even proefrijden.

Wij staan even te keuvelen en als dochter terug is, wordt de koop gesloten.

Ik moest  binnenkomen om af te rekenen en als ze het bedrag heeft overhandigd vraagt ze mij of ze wat extra mag geven voor het brengen van de fiets.

Echter, ik maakte toen dat gebaartje net als in de reclame  van Paul van Carclass, ik wilde er niets extra’s voor hebben.

Nou, zoiets vond ze ZO geweldig dat ze vloog op mij af en zoende mij uitgebreid met lippenstift, waar ik een gloeiende, gloeiende hekel aan heb.

Had meteen spijt dat ik, hoewel het best een lekker ding was, niet die 5 euro had aangepakt!

Fruitmanden

Omdat het vandaag rotweer was besloten er een paar dapperen om toch de racefiets te bestijgen en een ritje te maken.

Met tegenwind naar Sint Maartenszee.
Voor degene die niet weet waar dat plaatsje ligt, leg ik het even uit, bij Sint Maarten vlak bij zee!

Na de pauze op het gezellige zonnige terras van “de Goudvis” aldaar reden wij richting Petten met de lichte wind in de rug.

De H.H.H. was van plan de snelheid van de Pinarello eens uit te testen en als zijn meesterknecht zich op kop begeeft stijgt de snelheid naar 43 km/uur. Dat blijft maar zo en ik spring op een gegeven moment uit het wiel, kom maar tot 48 km/uur en besluit terplekke om toch maar een Cervelo racefiets aan te schaffen.

Op de terugweg dichtbij huis rijden wij een spoorwegondertunneling door en komen bovenaan bijna in botsing met een “dwaze vader” die met zijn fiets en een gevuld kinderkarretje er achter met een bloedgang de bocht nam en ons beide bijna raakte.

Als wij rustig rijdend al babbelend voortrijden komt ik in een bocht naar rechts te veel op de weghelft van het tegemoet komend verkeer en rijd vol in tegen een “ heer”, die mij onmiddellijk de huid begon vol te schelden. Als ik mijn excuses aanbied scheld hij er vrolijk verder op los en ik snap met mijn enorme Hulkverstand dat hij flink geschrokken moest zijn.

Intussen voel ik een flinke pijn in mijn rechterscheenbeen en controleer ik vlug mijn fiets op schade, terwijl ik ook de “heer” vraagt of hij zich bezeerd en of schade heeft. Die antwoord ontkennend en stapt weer op.

Ik begin te trillen van de schrik en voel de pijn in alle hevigheid opkomen. Geholpen door enkele ploeggenoten die mij moed inspraken fiets ik het laatste stukje naar huis. Daaraan gekomen zit er een flinke bult op mij scheenbeen.

Nu wil ik jullie enkel vragen mij niet allemaal tegelijkertijd een fruitmand te sturen maar verdeel het een beetje, wil je?

Sir

Soms valt je zomaar iets ten deel.

Het lijkt misschien niet zo maar als de H.H.H. wat in de schoot geworpen krijgt, raakt hij ontroerd.

Kan er eigenlijk slecht mee omgaan als mij iets word gegeven.

Mijn nederigheid laat het niet toe.

Niet dat het mijn eer te na is, maar veel meer omdat ik er altijd keihard voor gewerkt heb om iets te bereiken.

Het werk gaf mij voldoening, hoeveel pijn het ook soms deed.

En nu……………..nu krijg ik zomaar de titel Sir aangereikt.

Sir Hulk

Hoe klinkt dat?

Niet verkeerd hé?

Ik zal de naam met ere dragen en waar nodig gebruiken.

Dus bij deze aanvaard ik de naam!

Oh, van wie kreeg ik de titel?

Zoek dat even lekker zelf uit, ik heb het veel te druk met het Sirschap in te leven.

Genoten

Wanneer je op Hemelvaarstdag in een super gezellig Beatle kroegje aan de Volendamse dijk zit en daar hoor van je fietsvrienden dat er a.s zaterdag met de Tatatourclub de Meijetocht wordt verreden.

Wanneer je te laat je bed uitkomt en haastig alles klaarmaakt om op tijd te komen en nog net de pont van Velsen haalt om je bij het Telstarstadion te melden voor de start.

Wanneer je daar vrolijk wordt ontvangen door medeclubgenoten die je feliciteren met je nieuwe fiets.

Wanneer je na de start zo makkelijk meedraait met het tempo van 30 km/uur die je gewoon met een klein verzetje kan handelen.

Wanneer je heerlijk babbelend in het peloton van 70 renners toch nog de mooie omgeving kunt bekijken.

Wanneer je door het prachtige dorp Aarlanderveen rijd en daar de ooievaar ziet broeden in zijn hoge paal nest.

Wanneer je even later langs de kronkelige riviertje de Meije rijd en daar de welverdiende koffiestop doet.

Wanneer ik daar mijn fiets tegen een hoge beukenhaag zet en zie dat een collega dat aan de andere kant van die haag doet, kan ik het niet laten om door de haag heen zijn stuur vast te pakken en de fiets zachtjes heen en weer te schudden.

Wanneer je dan die verbaasde blik in zijn ogen ziet ontsteek ik spontaan in een Hulkengebrul van het lachen.

Wanneer wij op de terugweg de wind in het voordeel hebben waardoor het tempo opgeschroefd wordt naar 35km/uur en ik daar totaal geen moeite mee heb.

Wanneer wij vanwege een wegoversteek plotsklaps op vele honderden meters van het peloton op achterstand komen te rijden en de draaiende zeewind tegen krijgen, heb ik geen moeite om met 35km op de teller de kop over te nemen, op mijn super rijdende Pinarello.

Wanneer ik daarbij terugdenk aan mijn Gazelle kon ik dit absoluut niet!

Wanneer wij de groep hebben bijgehaald steken plots een paar onverlaten af waardoor ik bijna een ongeluk kreeg en van de schrik weer moest lossen.

Wanneer ik bij de pont aankom vaart deze net weg met het peloton erop en kunnen wij op het gemak heerlijk een ijsje eten.

Wanneer ik thuiskom ervaar ik iets unieks, ik ben na 140km niet moe, wát een fiets, wát een Hulk !

Wanneer ik na het douchen in het zonnetje zit komt kleine zoon op bezoek en laat trots zijn nieuwe lichtblauwe petje zien die zo goed bij zijn kleur ogen past.

Wanneer zij weggaan heb ik intussen een heerlijke maaltijd bereid en na gegeten te hebben de boel opgeruimd.

Wanneer ik de volgende morgen zie dat het pijpenstelen regent en het fietsen dus niet doorgaat.

Wanneer ik op teletekst  lees dat mijn favo Engelse club de Champions Leage gewonnen heeft.

Wanneer eindelijk dit ellelange stukje geschreven is.

Dan pas kan ik zeggen ik heb heel erg genoten!

Huilen

Terwijl ik er niet zo een moeite mee heb, huil ik met haar mee.

Het scheelt mij veel werk in de toekomst en de kosten in ons kleine huisgezin dalen in deze crisistijd hierdoor. Steeds de deur open en dicht doen, eindeloos haren stofzuigen, vlooienbanden vernieuwen, steraliseren en niet te vergeten, het eten!

Poes ( Mauwtje genaamd ) was sinds maandagmiddag verdwenen en gisterenavond hebben Hulkinnetje en SBD briefjes over de vermissing in de brievenbussen gestopt bij ons in de buurt.

Al snel kwam er een oude heer langs die onze toen al dode poes in een boom zag hangen en door er een tak uit te zagen de poes naar beneden kreeg.

Dierenambulance gebeld en die heeft haar opgehaald.

SBD helemaal overstuur, zij kreeg haar op 4 jarige leeftijd en het was haar speelkameraadje mede omdat zij 8 jaar scheelde met haar oudere broer.

Nu is zij 16, zit deze week in haar examenweek endat komt niet zo goed uit natuurlijk.

Vanmorgen met haar meegehuild en zoveel mogelijk getroost, want een H.H.H. zorgt goed voor zijn dochter.

Dat vind hij veel makkelijker dan voor een poes!